De verbeelding van de geschiedenis 1

Veel studenten die voor de eerste keer les moeten geven, verdrinken in de zee van feiten en namen die zij hebben verzameld. Zij hebben dagen lang gezwoegd om al het materiaal bij elkaar te krijgen, zien dan door de bomen het bos niet meer en raken in paniek: wat moet er van deze les worden?
Vanuit deze ervaring van studenten is dit katern voor geschiedenisonderwijs op de pabo ontstaan.

Dit katern wil studenten helpen bij het ontdekken van enkele grote lijnen in de geschiedenis vanaf de prehistorie tot ver in de middeleeuwen. Het bevat niet de leerstof die een leerkracht op de basisschool moet brengen, maar het biedt achtergrondinformatie, doorkijkjes in de geschiedenis en historische kaders. Het zwaartepunt ligt dus niet op de geschiedenis van het dagelijkse leven van de gewone mensen: het katern tekent de grote lijnen waarbinnen deze geschiedenis zich afspeelt.
Het katern is dus géén leerboek voor vaderlandse geschiedenis. Weliswaar komen aspecten van de vaderlandse geschiedenis aan de orde, maar die worden geplaatst in een Europese of mondiale context.
De gekozen ordeningsvorm hangt samen met de aard van het onderwerp. Bij sommige onderwerpen ligt een chronologische ordening voor de hand, terwijl bij andere een meer thematische benadering of een meer traditionele begrenzing van de inhoud wordt gehanteerd.

In dit katern speelt het begrip 'didactische context' een belangrijke rol. Met didactische context wordt onder andere bedoeld dat de leerstof 'geactualiseerd' wordt voor de eigen tijd en voor de studenten. De leerstof wordt in een zodanige context geplaatst dat zij relevant wordt voor de maatschappelijke actualiteit in de algemene zin van het woord.
Er is gestreefd naar een bestaansgerichte invulling van het geschiedenisonderwijs; dat betekent dat de leerstof niet primair is gekozen vanuit een wetenschappelijk standpunt, maar met het doel zoveel mogelijk aspecten van het menselijk bestaan te belichten. Dat wil zeggen dat er niet alleen aandacht is voor politiek-structurele, maar evenzeer voor sociaal-economische en religieus-culturele aspecten.
Bij die leerstof worden voor de studenten bovendien opdrachten gegeven die gericht zijn op het beheersen van vaardigheden die relevant zijn voor het functioneren in de samenleving. Leerstof en opdrachten verkrijgen zo een zekere relevantie voor deze tijd. Op die manier sluit de inhoud van het katern aan bij de eindtermen voor het basisonderwijs zoals die de laatste jaren zijn vastgesteld.

In het katern wordt af en toe verwezen naar inhouden uit andere leervakken, zoals biologie en aardrijkskunde. Vooral in 'Geschiedenis dicht bij huis' worden de studenten aangespoord tot een multidisciplinaire aanpak, hetgeen gezien de inhoud van dat onderdeel voor de hand ligt: zo leren de studenten immers de leerinhouden te koppelen aan de werkelijkheid rondom zich. Laten we hopen dat de samenwerking met andere vakken niet beperkt blijft tot deze ene rubriek.